Zaterdag 21 januari
Op zoek naar luwte
Als ik halverwege de week de weersites er eens op nasla om te kijken hoe het er zaterdag uit gaat zien zakt de moed me in de schoenen. De hele week wordt het onstuimig, harde wind en regen. Enig pluspuntje in deze misère is dat het weertype wel constant is. De wind komt pal uit het westen. Hier moet wat mee te doen zijn. Op Google Earth worden de stekken die ik in mijn hoofd had nagelopen. Twee van de drie vallen rap af. Hier valt geen beschutting te vinden. De derde laat een mogelijkheid zien. Hier is aan de oostzijde een oude rivierduin die schaars begroeid is met bomen. Uit ervaring weet ik dat deze duin nog best hoog is. Hierachter zou de o zo welkome luwte moeten liggen. Hiernaast is het tijd om een extra geheim wapen mee te nemen. Mijn nieuwe anker. Ik heb van de zomer in een watersport winkel een heel klein handzaam ankertje op de kop weten te tikken. Deze moet dit weekeind maar eens ingewijd worden.
Als ik in de ochtend schemer mijn bellybootoptuigritueel uitvoer komt vismaat Peije aangereden. Al vol in zijn waadpak stapt hij de auto uit en roept triomfantelijk, klaar!
Een paar minuten later ben ik ook zover en beginnen we onze toch naar het water.

Dit is gekkenwerk!
Als we op de plek aankomen waar we normaal te water gaan kijken we elkaar aan, dit is gekkenwerk. Golven waar de schuimkoppen opstaan beuken op de oever en de wind loeit door de bomen. In de verte, aan de andere kant van het water ligt de luwte, door de regen, ja ja het regent ook nog, kunnen we de overkant nauwelijks zien. Dit is gekkenwerk meld mijn maat. Klopt, maar nu we er toch zijn gaan we het wel proberen! We besluiten te voet richting andere kant van het water te gaan om te zien hoe de situatie hier is. Na een 10 minuten hobbelen komen we met bezwete ruggen aan op het punt waar we het best te water kunnen gaan. Ook hier is het water woelig maar verderop ziet het er rustiger uit. Onder het motto “no guts no glory” gaan we te water.

No guts no glory!
We moeten ongeveer 100 meter door het woelige water peddelen maar dan worden de golven minder. En zowaar na 5 minuutjes stevig door peddelen worden de golven lager en de boot beter controleerbaar. Dit zou nog best eens kunnen lukken meld ik mijn maat. De hengels worden klaar gemaakt en we beginnen te vissen. Zichzaggend peddel ik het talud op en af. Van 4 naar 8 meter en weer terug. Veel dieper vissen vind ik niet prettig, en hier liggen ze ook wel. We zijn beide alweer een uur bezig als ik bemerk dat ik een aardige voorsprong op mijn maat heb opgebouwd. Ik besluit het nieuwe wapen eens in de strijd te gooien. Ik heb het ankertje aan een dun touw gemonteerd wat op een haspel gerold zit. Het ankertje wordt uitgeklapt en overboord gegooid. Ik geef nog wat extra lijn, bevestig een karabiner aan de lijn en klik deze in een van de oogjes van mijn bootje. De drift wordt nu rap gestopt maar de wind heeft nog wel steeds vat op mijn bootje waardoor deze van links naar rechts zwalkt. Ik probeer wat te variëren met verschillende bevestigingspunten, uiteindelijk blijkt de lus aan de voorkant van de bellyboot de best keus, het bootje ligt nu vrij stabiel. En ik begin lekker om mij heen te werpen. Helaas vist dit op deze plek niet echt lekker. Ik lig op 5 meter en moet, omdat de wind vanaf de oever komt, het wijd op gooien en het talud op vissen. Na een kwartier vind ik het mooi geweest, dit wordt ‘m niet zo. Het ankertje werkt overigens wel. Die gaat vaker mee. Peije is ondertussen naast me komen vissen en samen vissen we verder.
Als ik voor de zoveelste keer de shad naar de bodem laat vallen is daar uiteindelijk toch die tik, een zachte tik maar een tik! Gelukkig blijft ie hangen en kan ik even later een maatse snoekbaars in mijn handen houden. Niet de grootste maar ik ben allang blij dat ik een visje heb weten te strikken in deze haast onmogelijke omstandigheden. Samen vissen we goedgemutst verder hopend op meer actie. Helaas wordt het weer stil, heel stil, onderwater dan, want boven water gaan het nog harder waaien. De wind huilt door de achter ons liggende bomen en zelfs achter onze rivierduin wordt de luwte minder en minder. We nemen een korte pauze om de blaas te legen, onze benen te streken, onze voeten op te warmen en om wat te eten. Overal om ons heen heeft het hoge water van afgelopen weken zijn sporen na gelaten. De grond is geheel schoongespoeld, een merkwaardig gezicht.

Niet de grootste maar ik ben er maar wat blij mee!

Alles is schoongespoeld
Na deze korte onderbreking gaan we er beide nog even stevig tegenaan. Maar al snel zakt onze nieuw hervonden moed ons in de schoenen. Dit is geen doen joh. We klotsen van hot naar her. Zijn doorweekt door de constante zeikregen en kunnen gewoon niet lekker vissen. Waar zijn we toch in godsnaam mee bezig grappen we naar elkaar. Merkwaardige hobby hebben we toch. We besluiten maar de handdoek in de ring te gooien. Het is wel goed zo. We hebben het geprobeerd. We stoppen met het tegen de wind in trappelen en laten ons naar de windkant drijven. Hier kunnen we er makkelijk uit en hoeven we niet zo ver te lopen. Dit is in no-time gebeurd. Als we de spullen hebben ingepakt praten we nog even na. Een merkwaardige sessie. Toch zijn we blij dat we gegaan zijn. De visdrang was bij ons beide groot en we zijn even lekker buiten geweest, lekker uitgewaaid zeg maar.
Als ik terug rij bedenk ik me dat 2012 maar taai begint. Ik heb nu een aantal taaie sessies achter elkaar gehad. Voornamelijk te wijten aan hoge waterstanden en onmogelijk weer waarbij met name de wind de grote spelbreker is. Ik besluit dat ik het volgende week eens over een andere boeg ga gooien. Ik laat de rivier en haar uiterwaarden even voor wat ze is en ga de bebouwing opzoeken. Het wordt weer eens tijd voor een jachthaven, en het liefst een in de luwte met helder water, dat heb ik ook al in weken niet gezien.
Wordt vervolgt……
Pieter-Bas Broeckx