Zaterdag 30 mei
Terug van weggeweest
Het ontwakingsritueel verloopt deze morgen ondanks de vroegte redelijk soepeltjes. Wanneer ik de gordijnen opentrek begint de horizon al oranje op te kleuren. Tijd om eindelijk weer mijn thuiswater op te zoeken!
Voor deze openingsdag heb ik mijn vaste route langs een kanaal in gedachten. Nadat ik de eerste stek heb bereikt en het water benader maakt een vreemd gevoel zich van mij meester. Het is een gekke combinatie tussen vertrouwdheid en nieuwheid tegelijkertijd. Het afgelopen jaar heb ik dan ook een hoop meegemaakt; mijn ouders zijn verhuisd naar een andere woonplaats, bovendien ben ik ben weer vrijgezel, en heb op dat gebied ook het nodige gezeik meegemaakt. Het meest ingrijpende van allemaal moet mijn vijf maanden durende avontuur aan de andere kant van de wereld geweest zijn. Ik heb namelijk in Honduras stage gelopen bij een onderzoekcentrum wat zich bezighoudt met walvishaaien. Ik heb er zelf een koraal onderzoek voltooid en met volle inzet meegedraaid met de andere activiteiten in dit centrum. Deze evenementen hebben het gehele vorige visjaar dan ook goed belemmerd. Ook dit jaar ben ik weer druk bezig met een andere stage, maar omdat deze in Nederland is kan ik nu op deze openingsdag weer langs mijn eigen water staan. Het is dan ook een bevrijdend gevoel om nu weer met mijn minimale hoeveelheid materiaal de ware essentie van sportvissen te beleven.
Het eerste gevoel is goed en de zonnestralen van de dag schitteren al in mijn gezicht. Het maagdelijke water doet de laatste restjes van mijn gedachten aan een waardeloos vorig seizoen wegsmelten. Tijd om de nieuwe, schone lei te vullen. De Salmo Hornet 4cm is een vaste prik voor deze eerste stek. Mijn ervaring vertelt me dat de baarzen in deze sluis graag hun ochtend beginnen met een hapje soortgenoot. Het baarskleurige plugje lijkt wel met tegenzin in de bak water te landen. Vol concentratie draai ik het aasje monotoon binnen. Wanneer het plugje in het zicht begint te komen en begint te stijgen zie ik een donkere schaduw versnellen. De harde tik op mijn top vertelt me dat de eerste vis van het seizoen al een feit is. Baars pakt graag aas dat naar het oppervlakte “vlucht”. Het loont ook om aan het einde van een worp onder de top het plugje nog even heen en weer te dirigeren. Dit trucje levert vaak nog een extra visje op. De gehaakte dertiger laat zich van zijn beste kant zien en laat me grijnzen van genoegen. Baars op commando! Dit snelle resultaat verbaast me eigenlijk niet zo veel op deze stek. Aan de volger te zien weet ik dat ik de volgende worp ook zo goed als verzekerd ben op vis. Eerst deze uitgedrilde vis landen en voorzichtig onthaken. Hoewel het gekwelde plugje me met tegenzin lijkt aan te kijken vrees ik toch echt dat de eerste worp voor herhaling vatbaar is.

Wederom een traumatiserende ervaring voor de arme Hornet.
Wanneer de 35-er met een sterke klap van zijn staart weer op weg is naar de bodem wordt de jacht op de volger geopend. Ook deze, iets kleinere vis leert de Hornet een lesje en kan zich naast de eerste baars op mijn lijstje voegen. Na deze knallende opening blijven de beten op de Hornet nu uit. Dit is ongewoon voor deze stek. De keus om over te schakelen op rubber is snel gemaakt. Nu is het de beurt aan de Mann’s shads om voor vis te zorgen. Ik laat het rubber afzakken naar de bodem en tik deze vervolgens voorzichtig op, om hem daarna weer te laten afzinken. Op deze manier vis ik de shad diagonaal binnen. De aanbeten komen vaak net na het hoogste punt en snoeihard. Ditmaal echter blijft het verdacht stil. Opnieuw tijd voor een andere aanpak. In plaats voor de soepele Mann’s shads kies is nu voor de stijfheid van de kleine Fin-S shad. Zelf heb ik deze shadjes niet veel gebruikt, ook al weet ik dat ze niet aan vangkracht ontbreken.

De Fin-S shad is een stijver shadje met een aantrekkelijke flash en staarbeweging.
Hoewel ik dit weet is het soms toch moeilijk om over te stappen op een stukje kunstaas waar je zelf nog niet geweldige resultaten mee heb kunnen boeken. Ik ben er van overtuigd dat de vangkracht van een visser deels afhankelijk is met de mate van zelfverzekerdheid waarmee de visser zijn sport bedrijft.
Het stijve shadje beent zich een weg naar de bodem. Bij het eerste tikje wordt het aasje abrupt gegrepen en de dril kan beginnen. De Fin-S heeft zich bewezen. Na wat gerommel en wat kleinere visjes weet ik het shadje doelmatig vlak boven de bodem te presenteren. Redelijk wat baarzen sneuvelen op het “ontdekte” aasje. Iedere vis wordt na de onthaking zorgvuldig teruggezet in het water buiten de sluis. Ik wil op deze manier iedere mogelijke vorm van “kennisoverdracht” onder de baarzen minimaliseren. De vangstreeks wordt afgesloten met een mooie vis die net de 40 centimeter niet weet te halen.

Schitterend in de ochtendzon; puur genieten!
Voor mijn thuiswater zijn dit buitengewoon grote vissen. Op baarsgebied kan het deze openingsdag dag eigenlijk al niet meer stuk. En dat terwijl ik pas een kleine twee uur bezig ben. Nadat de sluis letterlijk leeggevist is, is het tijd om te vertrekken naar de volgende stek. Hier aangekomen weet de Hornet weer erg snel te scoren. Ergens vind ik de plugvisserij met de Hornet de mooiste baarsbeleving die er is. Iedere keer wanneer het onrustige gezoem van de Hornet wordt onderbroken door een harde klap op de top gaan de haren in mijn nek weer overeind staan. Hoewel sommige van deze aanvallen uitdraaien op niets is de succesratio over het algemeen dankzij de pure agressie redelijk hoog. Bovendien is de Hornet door zijn zenuwachtige actie in staat om voorzichtige baarzen toch tot de aanval uit te lokken. Ik meen dat deze aanvallen vaak meer uit pure agressie ontstaan dan uit honger. In ieder geval weet ik weer meerdere hoge dertigers uit het water te toveren en mijn dagtotaal op te krikken.

Flinke familie Canadese ganzen.
Voordat ik besluit verder te gaan smijt ik de Hornet nog even een paar keer naar het open water. Vergeet dit in viswater met een vlak bodemverloop nooit. Het kan altijd nog het nodige visje opleveren. Wanneer het plugje voor mijn voeten weer opdoemt, zie ik ineens een flinke snoek in de oppervlakte langzaam de aanval inzetten. Terwijl ik mijn hart weer probeer door te slikken versnelt de snoek en grijp de achterste dreg van de Hornet. Nu begint de echte uitdaging, met als ingrediënten een flinke voorjaarssnoek, een tien grams spinstokje, een kanaal vol obstakels en het ontbreken van een ijzerdraadje. Gelukkig zit de Hornet voor in de bek. Ik besluit de snoek niet te stevig te drillen, aangezien ik springen en het mogelijk doorbijten van de lijn wil voorkomen.

Genoeg redenen voor een flinke hartverzakking!
Na een toch wel moeizame dril van een minuut of vijf dient het volgende probleem zich aan. De kade waar ik aan sta is veel te hoog om de snoek in de kieuwgreep te verzilveren. Ik besluit de snoek vanuit een aangemeerde boot te landen. Wanneer ik de uitgedrild ogende vis langs een driepotige dukdalf dirigeer, besluit de snoek me nog één keer goed te laten zweten en duikt onder de poten van het dukdalf door. Ik vloek het uit wanneer mijn ergste nachtmerrie lijkt uit te komen. Gelukkig is de snoek nu echt aan het einde van zijn Latijn en weet ik de vis weer onder het obstakel vandaan te peuteren. Op de boot weet ik de vis zonder problemen te landen. De Hornet valt onderweg naar mijn tas vanzelf uit de bek van de snoek, die gelukkig al verzilverd is met de kieuwgreep.

Op licht materiaal is een flinke snoek altijd een reden voor een lach.
De vis blijkt net boven de negentig centimeter uit te komen en is vooral na een dusdanige dril een vis waar ik oprecht trots op kan zijn. Poeslief laat de snoek zich hanteren en schiet na het voelen van het water gelukkig krachtig uit mijn handen. Ik geniet van het moment door even een lunchpauze in te lassen.
Vervolgens slaat het noodlot toe. De rest van mijn viswater oogt ineens erg troebel en ongewoon smerig aan. Ik weet niet wat er aan de hand is, maar kan concluderen dat de kans om vis te vangen op dit water hierdoor wel minimaal wordt. Bovendien boek ik over het algemeen geen goede resultaten op dit water in de zonnige middaguurtjes. Ik besluit te improviseren en zoek wat heldere slootjes op waarvan ik weet dat er een gezond snoekbestand te vinden is.

Helaas moet ik het pittoresk ogende kanaal toch achterlaten.
Wanneer ik mijn fiets parkeer zie ik in het heldere water scholen ruisvoorn zenuwachtig heen een weer zwemmen. Verder op zie ik een aantal dikke zeelten in de boden wroeten op zoek naar voedsel.
Mijn lepel met ditmaal wel een onderlijntje blinkt aantrekkelijk in het heldere water. Wanneer het lepeltje eventjes achter een rietkraag uit het zicht verdwijnt krijg ik een ongelofelijke dreun, gevolgd door een run die mijn molentje bijna doet roken. Wanneer de boeggolf zich muurvast zet in de waterplanten weet ik hoe laat het is. Ik moet per ongeluk een zeelt gehaakt hebben. Ik moet de sloot in om de vis uit de waterplanten te verwijderen. Gelukkig is dit met een korte broek in het ondiepe water geen onmogelijk opgave. Ik verwijder de haak uit de staart van de toch wel erg mooie zeelt en laat deze weer gaan.

Altijd loerend op die ene afwijkende ruisvoorn.
Omdat de sloot er nu op zijn zachtst gezegd toch wel verstoord bijligt, besluit ik een vervanger op te zoeken. In een heldere plas zie ik twee grote karpers rustig fourageren in het ondiepe. Ik besluit te kijken hoe ze op de lepel zullen reageren en werp op een veilige afstand naast de etende herbivoren.
Wanneer de lepel de karpers passeert schiet er ineens een snoekje uit het niets op de lepel af en schuift er dodelijk doeltreffend overheen. In plaats van er vandoor te gaan lijken de karpers vreselijk geïnteresseerd door deze gebeurtenis en volgen het knokkende snoekje tot aan mijn voeten, waarna ze er toch vandoor gaan. Ik heb dit gedrag nog nooit eerder waargenomen en vindt het bijster interessant. Het snoekje moet via de kieuwen onthaakt worden. Gelukkig verloop de kleine operatie vlekkeloos en al snel zwemt de snoek weer terug naar zijn schuilplaats. De karpers zijn verdwenen. Ik speur de sloten nog even af en zie een aantal snoeken liggen. Helaas hebben ze me in de smiezen en kan ik het dus wel vergeten. Ik besluit mijn hengel er bij neer te leggen en op mijn gemak deze dieren die mij zo fascineren in hun eigen leefomgeving te observeren. Als ik één ding heb geleerd tijdens mijn duiken in Honduras is dat vissen voor mij ook een belangrijk esthetische functie vervullen. Wanneer ik vissen kan bekijken, in plaats van ze te verstoren, kan ik daar ook een hoop plezier uit putten.

Zie ook het plezier in de kleine dingen die de natuur te bieden heeft.
Met deze gedachte besluit ik er vandaag een punt achter te zetten. Het is mooi geweest. Ik heb mijn visje gevangen en ben dit visjaar hoopvol begonnen. Het zou zonde zijn om de eerste dag van het seizoen al compleet oververzadigd thuis te komen. Volgende week doe ik het gewoon weer fijntjes over!
Met gemeende roofvisgroet,
Ernst Schrijver