Zondag 7 juni
De bevestiging
Na de goede en vooral veelbelovende openingsdag van vorige week zit het vertrouwen er vandaag goed in. Ik besluit mijn tactiek, noch materiaal aan te passen. Het enige wat ik wil is vanouds scoren zoals is dat vorige week deed. Ik ben lang genoeg uit de roulatie geweest om nu al té ambitieus te worden in nieuwe technieken en materiaal. Het enige wat ik vandaag aan de vergelijking ga toevoegen is een nieuwe potentiële stek en een stuk meer tijd als vorige week.
Fietsen, fietsen en nog eens fietsen. Deze woorden vliegen door mijn hoofd terwijl ik op mijn eerste stek afsteven. Ja, fietspaden ga ik genoeg zien vandaag. Het is maar goed dat ik me prima thuis voel op ons favoriete Nederlandse vervoersicoon. Sinds mijn ouders verhuisd zijn, liggen mijn vertrouwde stekken een stuk verder. De eerste stek is een stukje water dat onder een brug ligt. De Hornet die vorige week zo goed scoorde siert mijn wartel en vliegt wederom een baarzennest binnen. Wanneer ik de Hornet door het onwerkelijk heldere water terugvis, wordt deze achternagezeten door een flinke baars die toch richting de vijfendertig centimeter gaat. Wanneer de vis onder de brug vandaan komt merkt hij me op en staakt de achtervolging. Mijn gestekelde prooien lijken me in de gaten te hebben en verdere volgers blijven uit. Tijd om me over te geven en door te trekken naar de eerder bewezen stekken.

Een zonsopkomst met een gouden randje

Ontwakende mede-watergebruiker
Bij de eerste vaste stek aangekomen voelt het als gisteren sinds ik hier geweest ben. Jammerlijk genoeg versterken de eerste worpen dit gevoel. Waar ik hier een week geleden jodelend stond te genieten, sta ik me nu af te vragen wat er aan de hand is. De Hornet verdwijnt na een tijdje met ongedane zaken weer in de aasbak en de Fin-S mag zijn onderwater dans weer gaan uitvoeren. Wanneer het shadje in een hoek van de sluis de bodem raakt is daar dan toch redelijk snel die verlossende beuk op het stokje. De dikke dertiger doorbreekt protesterend het oppervlakte en mag eventjes poseren voor de camera. Het is vreemd hoe snel je zelfvertrouwen en motivatie terug kan komen na zo’n eerste overwinning. Vol concentratie sta ik nu weer te vissen, en niet zonder reden. De ene harde aanbeet volgt de andere in rap tempo op. Voordat ik het weet staat mijn tellertje al op vijf goede vissen waarvan er en aantal de vijfendertig centimeter raakt.

Vol overgave op de Fin-S

Gespitst op beweging
Na deze triomf is de koek dan ook echt op. Ik vind het geweldig om zo vroeg in de morgen al van deze vissen genoten te hebben. Ze zijn binnen en niemand neemt dat me nog af. Terwijl ik de aanbeten nog een keer in mijn hoofd beleef steven ik af naar de volgende stek op mijn lijstje.
Vroeger als normaal kom ik bij de volgende stek uit. Vanwege werkzaamheden kan ik hier maar tot half negen vissen. Om de kades van deze stek secuur af te vissen heb ik toch een goed uur nodig. Nu ik die tijd heb, is het de beurt aan de Hornet om zijn eer te herwinnen. Het lichte en toch stevige tien grams spinstokje wat ik destijds van Bernd en Bard heb gehad vertaalt de vibraties van de Hornet perfect naar mijn pols terwijl ik de kade afloop. Het hengeltje vertoont de nodige oorlogswonden en heeft al veel meegemaakt, wat naar mijn mening de waarde van het hengeltje alleen maar vergroot. Terwijl ik aan het dagdromen ben over de grote vissen die het stokje al getemd heeft, doet een harde klap op mijn linkerpols me wakker schrikken. Zo te voelen is het tijd voor het betere werk! De vis vecht hard en vertoont snoekbaarsachtige runs. Tot mijn verbazing is het een flinke baarzenvin, wat als eerste in het zicht komt. Wanneer ik de vis optil knijp ik hem toch heel even. De dreg zit slechts licht vast en een klein protest van de baars zijn kant kan al lastige gevolgen hebben. Ik weet de vis snel te verzilveren door de lipgreep toe te passen.

Eerste klas baars uit het polderwater
De meetlint wijst achtendertig centimeter aan. Na deze vis volgen er weer twee hoge dertigers. Het formaat van de baarzen verbaast me zeer. Normaal zijn vissen van boven de vijfendertig centimeter een uitzondering op mijn thuiswater, maar dit seizoen blijken ze tot nu toe meer regel dan uitzondering te zijn. Na deze conclusie volgen er ironisch genoeg een aantal baarsjes van het formaat wijsvinger en verdwijnt de beet van de stek. Nadat ik nog een tijdje resultaatloos met rubber de eerste snoekbaars van het seizoen probeer te verleiden is het tijd om verder te trekken. Er zijn toch wel wat interessante dingen gaande. De baarzen lijken groter te zijn geworden en de snoekbaarzen die ik normaal altijd vang in het begin van het seizoen hebben zich nog niet laten zien.

Peuteren voor de eerste glasoog
Terwijl ik het kanaal verder en verder affiets, doe ik alle goed ogende stekken aan. Aangezien het bodemverloop van dit kanaal ongeveer even variërend is als het reliëf van een gemiddeld voetbalveld, moet ik het van onregelmatigheden in kadeverloop en objecten als bruggen hebben. Bijzondere resultaten blijven uit. Het is hier ook een kwestie van meters maken. De Hornets vreten de meters weg, totdat één van hen abrupt tot stilstand komt. Lompe tikken duiden op een goede vis. De langgerekte kam duidt dan toch op de aantocht van de eerste snoekbaars. De vis heeft de Hornet op halfwater gegrepen en voert een leuke show op. Na de onthaking glijdt de gestroomlijnde rover weer terug het water in.

De eerste snoekbaars gestrikt op de Hornet

Een zeer welkome afwisseling op de rust
Later stuit ik op een stroompje, dat uitkomt op het kanaal en wonder boven wonder een hoop stroming creëert. Stroming is iets wat in mijn thuiswater toch wel als een zeldzaamheid gerekend kan worden en wordt daarom niet overgeslagen. Wanneer ik de waterkant nader schiet er ineens een meerkoet voor mijn voeten uit en sprint het watertje over. Met alarmkreten roep ze haar jong, wat uit verdediging vlak voor mijn voeten onderduikt. Ik kijk uit over het water en probeer het jong te vinden. Ineens ontploft het water voor me in een enorme kolk. Van het jong zie ik niets meer terug. Met een bijna akelig gevoel in mijn maag realiseer ik me dat het jong door mijn schuld nog wel eens in de gapende muil van een metersnoek kan zijn verdwenen. Een goede dertig seconden gaat voorbij wanneer ik het jong weer boven water zie komen. Zichtbaar verzwakt en bijna zinkend ploegt het beestje zich een weg door het water naar zijn geschrokken moeder. Ik heb geen idee hoe het jong het voor elkaar heeft gekregen, maar ik ben dankbaar dat het nog leeft. Jammerlijk genoeg kan ik door de grote hoeveelheden drijfvuil niet effectief vissen in het stroompje. Één ding weet ik wél. Deze stek is zeker de moeite van het onthouden waard.
De volgende uitdaging wordt gevormd door een jachthaven. Nog nooit heb ik hier gevist. In tegenstelling tot de jachthavens die ik gewend ben, word ik hier zowaar met een glimlach ontvangen. De normale sluipstand kan uit en eindelijk kan ik me een keer gewenst voelen in één van deze doorgaans met boze blikken gevulde stekken. Zelfs wanneer ik een tafel moet lenen om mijn Hornet uit een boom, jawel een boom te plukken, wordt dit met een lach genade geslagen. Ik moet toegeven dat deze truuk wel voor het nodige vermaak zal hebben gezorgd voor de aanwezige zondagsgangers. Hoewel de sfeer ertoe is blijven op een handvol visjes de vangsten uit. Het is tijd om me naar huis te begeven. Ik heb nog de nodige kilometers te gaan.
De laatste stek is een werf vlak bij mijn huis. Hier wisselen de vangsten normaal sterk. Toch is er één locatie die steevast garant staat voor goede baars. Ook deze keer doet het baarsgat zijn naam eer aan en sta ik toch snel met een toch wel erg kromme hengel. De baars protesteert hevig, maar moet zich toch overgeven. Wéér zo’n hoge dertiger. Ik weet na deze vis nog een vijftal baarzen uit het gat te peuteren en sluit mijn dag in stijl af.

Hoge, sterke vissen domineren de dag

Allemaal weer netjes terug in hun element
Ik kom ondanks mijn eerdere lunch met extreem veel honger thuis. Wanneer ik met Google Earth mijn stekken registreer, snap ik waarom. Ik heb vandaag toch weer dik zestig kilometer afgelegd op een oude stationsfiets. Mijn linkerhand is redelijk gehavend door het wapenarsenaal van de baarzen. Het warme, prikkende gevoel is een sensatie wat ik al een tijdje niet meer heb mogen meemaken. De bevestiging dat ik het gelukkig nog steeds in me heb. Nu de tweede mooie dag van het seizoen ten einde loopt vraag ik me af wat voor moois er nog volgen zal. De tijd zal het leren!
Met gemeende roofvisgroet,
Ernst Schrijver