Zondag 24 februari
Uit het boekje
Het is alweer veel te lang geleden dat ik heb gevist. Ik merk het aan de jaloezie waarop ik mezelf betrap als ik de verslagen van vismaten lees. Stuk voor stuk uiterst herkenbare en motiverende verhalen. Gewoon lekker erop uit, vissen! Ik leg de laatste tijd te vaak de nadruk op de beren op de weg. Vooruit, ik heb veel te doen en moet soms even zoeken naar vrije tijd, maar het is uiteindelijk toch doodsimpel: met plannen alleen kom je er niet. Wie echt de weg op wil, moet gewoon gaan.
Zondag gaat het gebeuren. Bellyboaten op groot water. Mijn enige afspraak voor die dag weet ik met één mailtje naar de zaterdagmiddag te verplaatsen. Auto lenen van m'n ma? Blijkt geen probleem. Mijn flippers moeten nog opgehaald worden in Rotterdam en dus vraag ik Han of ik die van hem kan lenen. Opnieuw groen licht. Tot slot lachen ook de weersvoorspellingen me toe: het wordt een heuse lenteachtige dag met nauwelijks wind. Alles lijkt in mijn voordeel uit te pakken. Ik kijk reikhalzend uit naar mijn trip. Zaterdag in de trein, op weg naar huis, voel ik ouderwetse spanning. Mijn gedachten dwalen opvallend vaak af naar mogelijke monsterbaarzen. Kriebels!
's Avonds stijgt de nervositeit tot een hoogtepunt. Maar goed dat ik tegelijkertijd hartstikke moe ben, want anders was er van slapen niet veel gekomen. Voor ik m'n bed op zoek zet ik zoveel mogelijk klaar voor morgen. En dat is nogal wat. Een heuse onderneming wordt het weer. Dit keer zie ik daar echter niet tegenop, maar geniet ik er juist van. Opgaan in je hobby, alle aandacht erbij. Heb ik alles? Ik speel het ochtendritueel tot drie keer toe af in m'n hoofd. Check, check, dubbel check. De rest komt morgen wel. Om tien uur plof ik halfdood neer op mijn matras.
Zondagochtend, zes uur. Perfect geslapen, dus meteen klaar wakker. Het is nog pikkedonker buiten. Ik kleed me in rap tempo om en stort me beneden op de proviand voor vandaag. Twee flesjes drinken, twee mueslirepen, een banaan. Boterhammen smeer ik nu. Het geheel verdwijnt in een linnen tas. Zelf nog even ontbijten, 'n tandenborstel door m'n mond en dan snel de auto inladen. Mijn motivatie is gigantisch. Adrenaline kruipt door m'n aderen. Ik heb een donders goed gevoel bij deze dag, het wordt tijd voor een stevige inhaalslag. De muziek kan niet hard genoeg in de auto. We zijn onderweg!
Bij aankomst is het al lang en breed licht geworden. De zon schijnt nog niet; voorlopig zal ik het moeten doen met een flink wolkendek en een grauw sfeertje. Het mag de pret niet drukken. Met de pomp breng ik mijn bellyboat tot leven. Het voelt heerlijk om mijn trouwe vaartuig in orde te maken. Alle aandacht erbij, want alles moet kloppen. Eenmaal op het water wil ik me volledig op het vissen kunnen richten. Als ik de resterende spullen in de auto gedumpt heb begint de sjouwpartij naar de waterkant. Het is nog een eindje en zwetend werk ik me dan ook tot slot in mijn waadpak. Ja hoor, toe maar. Nóg een laag! Ik weet dat ik er straks blij mee zal zijn. Ik heb een ideale plek gevonden om te water te gaan. Zeker in afwezigheid van de wind kan ik hier zonder de geringste problemen afscheid nemen van de oever. Daar gaat ie, op naar de jachthaven!

Hét materiaal
Want daar wil ik zijn. Uit betrouwbare bron heb ik vernomen dat de ondiepere stukken daar momenteel erg grote baarzen herbergen. Het kwijl stond in mijn mond toen ik dat vernam. Als ik de haven in dobber, passeer ik een soort krib op korte afstand. Voor een rover een gelikte plek om in een hinderlaag te gaan liggen. Het effen witte Mann's shadje wordt er inderdaad aangevallen. Hup! En hangen al. Dat ging snel! Uiterst tevreden dril ik de vis, die helaas vrijwel direct losschiet. Ik twijfel er niet aan dat het een snoekje was. Centimeter op zestig voor mijn gevoel. Nieuwe worpen op dezelfde plek leveren niets meer op, dus trappel ik verder. De vroege actie geeft in elk geval vertrouwen.

Hinderlaag
In de hoek van de haven, die erg ondiep is, benut ik mijn herkansing. Ik vis hetzelfde shadje in een vrij gelijkmatig tempo binnen, zonder al te felle sprongen. Een snoekje gaat eraan hangen en knokt lekker. Met volle teugen geniet ik van het gevecht. In de kieuwgreep wordt de vis geland en soepel onthaakt. Helaas geen foto, omdat de camera om batterijen begon te zeuren toen ik hem aanzette. Hopeloos vervelend, vooral omdat ik weet dat de batterijen gewoon opgeladen zijn. Af en toe heeft het ding last van een los contactje. Even frummelen aan de batterijen en hij doet het gewoon weer. Naja, de nul is weg en de vis zwemt weer!
De andere ondiepe stukken van de haven lijken levenloos. Ik vis ze vrij nauwkeurig af met kleine shadjes, maar die worden volledig met rust gelaten. Ook geen enkel teken van witvis te zien. Ik bespeur welgeteld twéé futen en even later springt er een vis in het oppervlak. Een twijfelachtig gevoel rest. Er gebeurt dus wel íets. En ondanks de tegenvallende resultaten voelt het goed hier.

En toch een goed gevoel
Eerst maar eens wat water lozen. Ik heb geen zin om helemaal terug te trappelen naar mijn startpunt, dus ik begin aan een gewaagde manoeuvre. Tegen de ondiepe kant, tussen de takken, moet het gebeuren. Ik kan net overeind komen en mijn waadpak los krijgen. Heb al gecheckt dat ik enigszins uit het zicht sta. De klus is snel geklaard, een hele opluchting. Geinig om te zien dat dit dus ook een optie is voor hoge nood. Wel opletten dat de ondergrond betrouwbaar is. Een onstabiele modderbodem of aflopend bodemprofiel zijn geen optie. Trouwens, ik begin koude voeten te krijgen!
Ook koude voetjes?
Ik besluit eerst een ander hoekje van de haven aandacht te geven. De serene rust die ik daar ervaar is fenomenaal. Even vergeet ik mijn voeten en is al mijn aandacht bij de stilte die slechts doorbroken wordt door het opgewekte gefluit van vogeltjes. De prille lente is voelbaar. Ik dobber in een oase van rust. Prachtige rietkragen om me heen. Deze stek schreeuwt om een schitterende vis. Maar die blijft uit.

Prachtige kantjes
Pauze. De bellyboat leg ik vast aan de kant en ik stap het water uit. Zo, laat maar stromen dat bloed. Langzaam ontdooien mijn voeten. De boterhammen smaken ook geweldig. Even voel ik haast in mijn lijf, maar die negeer ik. Bijna denk ik hardop. Nee Bard, je hebt een hele dag. Kijk nu eens om je heen en geniet. Neem je rust. Het werkt, en hoe. Ik kom in een andere modus terecht. Mijn gedachten bij dit moment, mijn aandacht niet afgedwaald naar wilde plannen. Deze rust in mijn hoofd heb ik al die weken gemist. Nu ben ik dan eindelijk afgeschakeld: dit was waar ik jaloers op was. Ik tover mijn verrekijker uit m'n waadpak en tuur over het water. Veel watervogels, een bootje hier en daar. In de verte een haventje, wellicht een fraaie stek. Er is zoveel moois te zien.

Heerlijk rustmoment
Na wat heen en weer lopen langs het water ben ik weer helemaal de oude. Volledig doorbloed, mijn buik vol en weer helemaal opgewarmd. Ik besluit mijn hervonden kracht te gaan gebruiken op een andere stek. Het haventje verderop dat ik tijdens de lunch spotte krijgt mijn aandacht. Ik schat de afstand tot de stek en besluit dat ik er het snelst zal zijn als ik verderop te water ga. Dat hele stuk trappelen duurt langer. Ik sleep de hele bende naar een uitgekiende plek en ga te water. Wederom soepel, want ook hier een schitterende ondiepte met een stevige bodem. Het lijkt hier wel aangepast voor bellyboaters. Ik begin niet in het haventje zelf, maar in de nabijheid ervan. Daar vind ik langs de kanten opnieuw veel overhangende takken. Mocht de zon straks nog doorbreken, dan schijnt die waarschijnlijk prachtig op die kanten. Moet zeker dan een ideale plek vormen voor de vis om zich te verschuilen.
Maar ook nu al blijken rovers er hun plek te gevonden te hebben. Binnen enkele worpen met mijn 5 cm lange jointed shadrap van Rapala is het raak: opnieuw heeft een snoekje zich op het kunstaas gestort. Een geinige dril volgt. De camera werkt nu wel mee dus ik schiet met succes een paar plaatjes. De vis kan in het water onthaakt worden, direct naast de bellyboat. Net zo'n prachtige ervaring als fysiek contact, en nog visvriendelijker ook.

De ratels deden hun werk
Langzaam begint de zon het te winnen van het wolkendek. Ze breekt nog niet overtuigend door, maar ik twijfel er niet aan dat dit snel gaat gebeuren. Nog even geduld. In het haventje zelf ervaar ik wat écht windstil betekent. Daar waar op open water al niet meer dan een zeer bescheiden briesje stond, lijkt de tijd hier stil te staan. Elk geluidje, hoe zacht ook, is hoorbaar. In de verte hoor ik het gepraat van wandelaars, in de haven zelf zitten alleen een paar mensen op hun boot. Ze praten zacht en verstoren de stilte dus nauwelijks. Wat een rust, alweer. Ik geniet er met volle teugen van.
Ik vraag me af of hier veel vis ligt. Wederom zie ik geen tekenen die daarop wijzen. Geen aanbeten ook tot dusverre. Mijn shadje blijft totaal onberoerd. Het is hier een meter of vijf diep, dus als de vis vlak boven de bodem huist is het niet zo vreemd dat ik geen activiteit van vis zie. Gewoon stug volhouden en wachten op een aanbeet.
Mijn bellyboat past precies in het hoekje tussen een grote boot en een steiger. Ik lig volledig uit het zicht van alles en iedereen. Totale stilte, de lucht staat hier stil. Zowaar komt ook het zonnetje door. Een glimlach verschijnt op mijn gezicht, mijn ogen zijn half gesloten. Ik werp mijn shadje parallel langs de grote boot en vis hem uiterst degelijk naar me toe. Normale, trage sprongen. Het is echt diep hier, er staan de nodige meters water onder mij. Als de lijn op twee meter voor me door het water snijdt, wordt de rust doorbroken door een steenharde aanbeet. Allemachtig! Kreten blijven uit, de stilte is te mooi. In alle rust dril ik een hard knokkende vis met het nodige gewicht. Snoek, alweer. Of toch… snoekbaars! Mijn toch al overtuigende grijns wordt nog groter. Super, hier had ik op gehoopt! De vis doet erg zijn best maar kan niet voorkomen dat hij tijdelijk op mijn schoot belandt. Keurig voor in de bek gehaakt en dus meteen van het shadje ontdaan. Snel schiet ik een plaatje. Niet het mooiste ooit, maar wel haarscherp. Wat 'n topvangst. De vis zal tussen de vijftig en zestig centimeter lang zijn.

Met dank aan de aanbeet
Ik ben gemotiveerder dan ooit. Zou het wel uit kunnen schreeuwen van plezier. Zo'n stekje, zo'n heerlijk moment, en dan ook nog getrakteerd worden op zo'n weergaloze aanbeet en dito vis. Pure verwennerij. Ik melk het haventje verder uit maar dat levert alleen een klein snoekje op. De aanbeet is nog het leukst: eerst een klein tikje waarop ik mis sla, en vervolgens aanhoudend gewicht als ik het imitatiewormpje opnieuw langzaam optil van de bodem. Ik weet wat er aan de hand is en zet met een ferme haal de haak. Het geschrokken rovertje is maar kort boven de waterspiegel en mag meteen weer zwemmen.

Lentekriebels
Voor ik de kant weer opzoek – ik krijg toch weer langzaam koude voeten – wil ik nog even werpen met een plug en een shad. De overhangende takken langs de kanten buiten de haven móeten meer te bieden hebben. Toch blijven aanbeten uit. Ik besluit een rietkraag een stuk verderop onder de loep te nemen, maar ook dat levert niets meer op. Dan maar terug naar mijn thuishonk. Terwijl ik stevig trappel, maak ik lange worpen met de jointed shadrap. Ik draai hem vervolgens langzaam binnen en ben dus feitelijk aan het trollen. Het doet me deugd dat de plug de bodem haalt: daar schraap ik hem doorgaans het liefst overheen. Als ik de plug voor de állerlaatste keer binnendraai is het raak. Drie meter rechts van me moet ik nota bene het water uit! Vlakbij de stopplaats dus. Het is overduidelijk een fraaie baars. Hoog in de dertig schat ik. Maar voor mijn flippers gaat de vis ineens alsnog flink tekeer. Een veertiger zelfs? Een schitterende baars laat zich soepel landen in de lipgreep. 40 centimeter rond, zo blijkt. Het zonnetje zorgt ervoor dat ik snel een paar prachtige foto's kan maken. Dan mag het dier weer zwemmen.

Eén brok karakter

Lure of the match
De volgende pauze is beduidend korter dan de eerste. De zon schijnt nog steeds volop, maar is alweer duidelijk aan het zakken. De schemering begint in te zetten en een geweldig sfeertje ontstaat. Ik weet dat ik over ruim een uur in de auto moet zitten. Onderbuikgevoelens. Ze trekken me naar de beginstek van vandaag toe. Die ondieptes. Vanochtend bleef het er doodstil, maar mijn intuïtie zegt dat er nog wat te halen valt. Mijn vertrouwen is zelfs groot. Zodra ik opgewarmd ben stap ik voor de laatste keer het water in. Pure routine inmiddels. Op naar mijn doel.
De plug zwemt precies zoals het hoort. In een rechte lijn en met ferme trillingen. De ratels van de jointed shadrap zijn befaamd om hun aantrekkingskracht. Steeds weer komt de plug met een stevige plons een twintigtal meters van mij vandaan in het water terecht. Worp na worp maak ik. Al werpend trappel ik naar mijn eindbestemming. Het is hier nog diep, waardoor de plug de bodem niet raakt. En dat terwijl hij best een behoorlijke diepgang heeft.
Ik nader de kant steeds verder en weet dat de diepte langzaam afneemt. Vroeg of laat gaat die plug de bodem raken. Bij de volgende worp voel ik hem halverwege inderdaad inharken op de bodem. Een heerlijk gevoel. Ik draai wat trager binnen en laat het fopvisje zelfs af en toe stil vallen. Verleidelijke momenten voor een rover, zo weer ik uit ervaring. Ik geef weer een draai aan de molenslinger en voel dan de dreun van een stevige vis. Hangen! Een korte, maar heftige knokpartij volgt. Onmiskenbaar een stevige baars! Helaas lost hij al snel. Ik twijfel niet: meteen weer een verre worp. Op het moment dat ik weer bodem voel is het opnieuw raak. Heerlijk, revanche! Deze gaat niet losschieten, ik voel het. De signature van SPRO buigt diep voor het geweld. Ik voel dat het weer een baars is en twijfel er niet aan dat hij uit hetzelfde schooltje kwam als de vis die ik hiervoor loste. Misschien ís het wel dezelfde. Je weet maar nooit: voedselnijd maakt de schuwste vissen blind. Hoe het ook zij, mijn grijns groeit tot een zeldzame omvang als het brok goud uitgeteld naast mij in het water ligt. Wat een gigant! En vooral een weergaloos mooi gebouwde vis. Niets minder dan perfectie, deze komt rechtstreeks uit het boekje. Een vriendelijke Duitse booteigenaar toont interesse en vraagt of hij kan helpen. Mijn Duits is niet slecht, maar door de opwinding kan ik nauwelijks de juiste woorden vinden. Ik klink alsof ik zojuist 'n halve spacecake heb weggewerkt. Uiteindelijk schiet de man een paar plaatjes. Niet alleen doet hij mij daarmee een plezier, zelf lijkt hij het ook te waarderen. De man maakt wat opmerkingen over de vis en neemt zijn tijd bij het maken van de foto's. Hij waardeert mijn plan om de baars terug te zetten en het is ‘kein Thema' dat hij even heeft geholpen. Toch ‘vielen Dank'!
Uit het boekje
Mijn telefoon gaat. Ik begroet Sanne en vertel dat ik net een prachtige baars van 45 centimeter terug zet. De schitterende bekroning op een absolute topdag. Sanne feliciteert me en doet zelf ook kort zijn verhaal. Dan hang ik op, ik wil nog even kunnen vissen. Voel ik het goed? Inderdaad. Mijn linkerlaars lekt. Naja, het kan me niets schelen. Vlak voor het zonnetje achter de horizon zakt, zie ik hem nog snel naar me knipogen. Deze glimlach nemen ze me niet meer af. Wat een topdag.
Vriendelijke baarsgroeten,
Bard Borger