Zondag 27 mei
Dé aftrap (2)
De bami met saté had bijzonder goed gesmaakt. En mijn hemel, wat was die nachtrust lekker!. Helaas was hij ook te kort geweest. De wekker had ons om een uur of vijf uit een coma geschreeuwd. Dag 2 van het openingsweekend was begonnen.
We zetten koers richting het noordwesten. Centraler in Nederland zullen we namelijk wederom de Maas gaan bevissen. Een ander stuk van dezelfde prachtige rivier waar Han en ik beiden een redelijke ervaring mee hebben opgebouwd. Hoe zal de rivier er daar uitzien? Ik heb er in het verleden zo nu en dan een korte indruk van gekregen, maar nog niet eerder beviste ik dat stuk water – zeker niet vanuit een boot.
De plannen pakken ‘s ochtends in elk geval keurig uit. Het is rustig op de weg, we vinden de trailerhelling in één keer en we komen op het geplande tijstip aan. Hoe ligt de rivier erbij? Helaas staat er erg weinig stroming, zo zien we meteen. Gevolg daarvan is wél dat het water prachtig helder is. We zien bij de helling al enkele waterplanten en een school jonge visjes schiet weg. Schitterend om dit soort onderwaterleven meteen te kunnen bewonderen.
Eenmaal op het water krijgen we al snel te maken met neerslag. Gisteren hebben we die dans keurig ontsprongen, vandaag gaat dat blijkbaar niet lukken. Het miezert licht dus zeuren zou niet terecht zijn.
Al snel blijkt dat de rivier hier veel sterker het karakter heeft van een groot kanaal. De taluds zijn steil, lopen af naar een pittige diepte van zo'n zes meter en echte bochten of andere structuren zijn hier weinig te vinden. Het is een lang, recht stuk water hier. Hoe gaan we te werk?

Rivier of kanaal?
Gelukkig hebben we uit betrouwbare bron vernomen hoe de vis hier gisteren gezocht moest worden. De vis lag diep en trollen met kleine, langwerpige plugjes tussen de 5 en 6 meter diepte was de meest succesvolle aanpak. We besluiten deze tip over te nemen en beginnen zoals beschreven.
De vis ligt inderdaad diep. De dieptemeter geeft vanaf vier meter geen enkel signaal prijs, zodra we dieper varen komt er vis in beeld. Vanaf vijf meter is het in één keer echt raak: steevast talloze signalen.
Afgezien van een harde aanbeet op een groot stuk rubber voor Han – zeer waarschijnlijk een snoek – gebeurt er het eerste half uur niets. Dan steken we over en bevissen we trollend de andere kant van de rivier. Binnen korte tijd vangen we beiden een snoekbaarsje. Gespetter strak tegen de oever trekt even onze aandacht. Wat gebeurt daar? De motor gaat uit en we proberen de onruststokers te identificeren. Polaroid zonnebril op m'n neus, dat werkt stukken beter. Het gespetter gaat over in woeste kolken en klappen op het water. Ik tuur zorgvuldig in het water en zie het dan goed: paaiende brasems. We hadden even de hoop dat het windes waren, maar dat bleek dus niet het geval. Verder trollen dan maar.

Twijfelachtige bijvangst
Het wordt droog en dus beslissen we dat de eerstvolgende vis maar eens op de gevoelige vastgelegd moet worden. Als die er komt tenminste, want dat blijft altijd afwachten. Het zijn eigenlijk gevaarlijke uitspraken, die over zo'n ‘eerstvolgende vis'. Of niet? Ik mis een fraaie aanbeet, laat m'n plug snel stilvallen en incasseer meteen een nieuwe knal. Leuke dril, het kenmerkende snelle kopschudden van een baars en even later de bevestiging. Net als gisteren mag ik poseren met een baars van 37 centimeter . Mooie vis!

Vol overtuiging op de Bomber Striper
Drie vissen in totaal, een erg rijkelijke vangst is het nog niet. Bij de monding van een kanaaltje gaan we het werpend en verticalend op snoekbaars proberen. Twee verticaalvissers zijn hun geluk al aan het beproeven als we aan komen varen. Ze melden dat ze tot nu toe vijf vissen gevangen hebben. ‘De slechtste seizoensopening die ik hier ooit heb meegemaakt', zo meldt één van de twee. Gisteren hadden ze slechts 15 vissen. ‘Slechts'. Ik zou waarschijnlijk niet ontevreden zijn met zo'n aantal vissen maar misschien zegt het meer over de potentie die dit stuk water doorgaans heeft. De heren besluiten door te varen, we wensen elkaar succes. De stek geeft geen visje prijs.
Het gekanaliseerde karakter van de rivier werkt op het oog niet echt inspirerend voor nieuwe ideeën. Daarbij komt dat het water praktisch stilstaat. We besluiten nog éven door te varen en wat kribben te gaan inspecteren. Stuk voor stuk liggen die er echter kil en verlaten bij. Geen vissers, geen vis op de dieptemeter, geen stroomnaadjes, niets. We werpen hier en daar even met shads maar eigenlijk is de hoop op succes telkens al snel vervlogen. ‘Nog éven doorvaren', zo stelt Han voor. Verderop ligt een interessante roofbleistek en na de mislukking van gisteren is de jeuk bij mijn vismaat vandaag alleen maar groter. Ik begrijp het helemaal, dus het gas gaat open en we knallen naar de bewuste stek. Zelf heb ik stiekem ook wel zin in wat roofbleigeweld.
Na een vruchtloos partijtje trollen in het tumultueuze water laat ik het anker zakken. Pal boven een forse stroomnaad die het stilstaande water scheidt van een imposante stroming. Han heeft de eerste worpen al gemaakt, ik treuzel wat met m'n lijn. Op de een of andere manier is het vertrouwen er niet helemaal bij mij. De vangdrang is al helemaal ver te zoeken.
In één klap komt daar verandering in als Han een kreet slaakt. ‘Ja!! Dat was er een!' Een harde knal liet er blijkbaar geen twijfel over bestaan: de aanbeet van een roofblei.
Plotseling weet ik niet hoe snel ook ik mijn Aruku shad te water moet laten. Jemig, wat kan dit soort ophef met het hart van een roofvisser doen. De vijfde worp wordt ik lamgeslagen door een immense dreun, gevolgd door lompe rukken aan de lijn. ‘Ja, hangen!' Han legt meteen zijn spullen aan de kant en assisteert. De vis gedraagt zich heel apart, want in plaats van het benutten van de stroming zoekt hij meteen het rustige water op. Daar ligt de vis al snel in het wateroppervlak, waar hij nog wat naspettert. Doet me denken aan de gemiddelde dril van een winde. Eenmaal bij de boot volgt er toch nog een mooi potje verzet. De vis kruipt onder de boot, zoekt even het ankertouw op maar laat zich verder keurig uitdrillen. Dan het net eronder: binnen! Dolblij til ik even later mijn eerste roofblei van het seizoen voor de cameralens. Met 68 centimeter een hele fraaie start!

En we waren weer wakker!
De kick van de aanbeet en de geweldige vangst bepalen nu helemaal de sfeer in de boot. Een kwartier geleden was de spanning nog weg, nu staat vrijwel elk haartje op onze lichamen overeind. We werpen alsof ons leven er vanaf hangt. Wham! Nummer twee meldt zich bij Han. Een soortgelijke dril en dito vis maken ook mijn vismaat aan het rillen. Ik zie dat hij volop geniet van zijn eerste vis van het seizoen. Hier had Han lang naar uitgekeken! De vis is 70 centimeter lang en daarmee is het een koninklijk begin van een nieuwe reeks zilveren pijlen voor hem. Want dat het een reeks zal worden betwijfel ik geen moment.
We vissen verder en hopen dat er meer van dit soort kneiters zullen volgen. Ik probeer het met een popper en hoop met heel mijn hart op zo'n exotisch aandoende aanbeet. Die baksteen op het water, de gedachte aan die dreun waar elke gepassioneerde hengelbouwer 's nachts zwetend van wakker wordt. Laten we eerlijk zijn: met dat roofbleivissen maak je je materiaal niet blij!
Knal nummer drie laat verdacht lang op zich wachten. Zo lang zelfs, dat we aan het denken slaan. Is de stek verstoord? Waren er slechts een paar vissen actief en zijn die nu gevangen? Dat betwijfelen we sterk. Het is redelijk diep op deze stek en na wat gerommel met ander kunstaas ga ik daarom op zoek naar een plugje dat ook op hoog tempo stabiel op grotere diepte gevist kan worden. Mijn ogen vallen op de pas aangeschafte Model A van Bomber. Het robuuste uiterlijk en de paarsblauwe gloed – een voormotiefje – trekken me resoluut over de streep: dit wordt ‘m. En al bij de tweede worp is het raak. Wham!
Ditmaal mag ík weer genieten van een ultiem staaltje sportvissen. Een iets kleinere vis heeft zich vergrepen aan het plugje. Opvallend dat de aanbeet zo snel kwam. Zou de keuze voor die Model A een gouden greep geweest zijn?
Dat blijkt het geval. Want wat er in het volgende kwartier gebeurt is werkelijk waanzinnig. Na weer een iets kleinere vis op de tweede worp, ik het vervolgens een hele fraaie vis van 70 centimeter die de plug pakt. Dan los ik weer een vis, om de eerstvolgende worp weer een knal te krijgen. Nummer vier! Vijf volgt kort daarna en gedurende deze waanzin zie ik een wanhopige Han zijn halve kunstaascollectie te water laten. Dan de prangende vraag: ‘Heb je nog zo'n plugje?' Helaas moet ik mijn vismaat teleurstellen.

Bomber, wederom
Ik haak weer een fraaie vis, maar na een korte en stevige dril weet die zich alsnog van de plug te ontdoen. Ik had er al 7 kunnen hebben! En dan heeft Han ook de swing te pakken. Ook hij weet allang dat de roofbleien dieper gezocht moeten worden en zijn zoektocht naar een passende plug leidt hem naar de Bomber 24 Long A. Voor roofblei? Werpend? Jazeker! Want meneer van den Eertwegh heeft welgeteld één worp nodig om een gigantische knal uit te lokken. En heerlijke dril, prima landing en dan siert '75 centimeter' zijn roofbleilijst. Doe maar ruig! Als toetje volgt bij de eerstvolgende worp de grote zus: 76 centimeter. Met een brede grijns zie ik Han genieten van zijn nieuwe hengel die Co Sielhorst voor hem bouwde.

Han in zijn element
Dan lijkt de koek toch echt op. Het is natuurlijk ook geen eindeloze populatie hier. We krijgen nu en dan nog wel een volger en ik los helaas nog een vis, maar dan wordt het echt stiller. We wisselen nog wat van kunstaas – zonder succes. Dán, als we al bijna besloten hebben om de stek te verlaten, vang ik alsnog mijn zesde roofblei. Weer een vis 'slechts' ergens midden in de 50 centimeter , maar daarom niet minder mooi. De aanbeet is hartverlammend, zoals het hoort. Dan valt het definitief stil en besluiten we te gaan lunchen. In een uur tijd hebben we flink huisgehouden: 10 roofbleien maar liefst!
De honger van Han is nu redelijk gestild en daardoor heeft hij weer wat rust hervonden. Lekker even ‘lui' trollen op snoekbaars en snoek ziet ie wel zitten; ik ook. Eerst trollen we boven drie meter water op snoek, maar dat valt door de zijwind en het grillige talud vies tegen. Han is meer aan het bijsturen dan wat anders en dat zorgt voor een hoop ergernis. De vertrouwde grens tussen de vijf en zes meter wordt weer opgezocht. Bernd belt me, maar ik krijg net op dat moment een aanbeet en moet dus ophangen. De vis lost, even later vang ik als nog een snoekbaarsje. Een half uur later volgt er nog een, dit keer een van iets fatsoenlijker formaat.

Fanatiek plaatje
Het trollen blijkt vandaag toch niet zo'n succesvolle en leuke manier van vissen. We hebben nog zo'n anderhalf uur en Han vraagt of ik nog leuke ideeën heb. ‘Het waait een beetje en het stroomt nauwelijks. We trollen nu al de hele dag over de vis heen, misschien moeten we ons eens over de rivier laten driften. En het dan eens verticaal proberen.' Han knikt instemmend en binnen een kwartier dobberen we boven 6 meter water. De dieptemeter geeft hoopvolle signalen.
Meteen mis ik een beet, dan slaat Han vier keer op rij mis. Bij de vijfde beet hangt de vis, een klein snoekbaarsje. Jemig, dit is lachen! Ik verwacht ook elk moment een aanbeet en drie keer op rij krijg ik keiharde knallen op m'n shad. Als de vis bij die derde knal gehaakt wordt verwacht ik weinig gewicht, maar ik voel juist een zwaardere vis. Even geniet ik van de dril, dan schiet het slachtoffer los. Arrhhgggg! Ik baal als 'n stekker.
Dan is het blijkbaar tijd voor een dubbelvangst. De kleinere snoekbaarsjes liggen hier behoorlijk los. Samen drillen, samen vangen. Op zulke momenten geniet je extra van die prachtige hobby.

Tweeling?
De snoekbaarzen liggen op een lokaal tukje water en in totaal weten we er zo'n 12 vandaan te peuteren. Stuk voor stuk kleinere vissen die voor een geweldig frisse afsluiting van een interessante dag zorgen. De beet valt er op het laatst een klein beetje af: prima timing want we we moeten op weg naar de trailerhelling. Terwijl het water onder me doorschiet geniet ik na van deze eerste twee geweldige dagen. Ik ving vier soorten, Han eveneens. De rivier leeft weer, wij ook!
Vriendelijke roofvisgroeten,
Bard Borger